Home > Bestuursrecht > Draagkracht Natura 2000 gebied niet doorslaggevend
Draagkracht Natura 2000 gebied niet doorslaggevend

Draagkracht Natura 2000 gebied niet doorslaggevend

Een vermindering in draagkracht van een Natura 2000 gebied hoeft niet te betekenen dat een natuurvergunning altijd moet worden geweigerd. Zelfs als de instandhoudingsdoelstelling nog niet is behaald.
Dat is de kern van een uitspraak van de Raad van State van 29 maart 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:847).
Gedeputeerde Staten van Gelderland verleenden een natuurvergunning voor de uitbreiding van een camping in de gemeente Ermelo. Een deel van die uitbreiding viel binnen het Natura 2000 gebied Veluwe. Daardoor zou 3 ha van het leefgebied voor de Zwarte Specht verloren gaan. Terwijl uitbreiding van het aantal broedparen Zwarte Specht tot 400 een instandhoudingsdoelstelling van het Natura 2000 gebied is. Dat aantal wordt nog lang niet gehaald en het is onduidelijk of het aantal überhaupt groeit. Toch was dit voor de Raad van State geen reden om de vergunning te vernietigen. Hij overwoog dat de instandhoudingsdoelstelling een opdracht inhoudt tot het behoud van de omvang en de kwaliteit van een leefgebied met een draagkracht voor een bepaalde populatie. Het feit dat die populatie op een bepaald moment feitelijk niet wordt gehaald, hoeft op zichzelf niet te betekenen dat de draagkracht van het Natura 2000 gebied niet voldoende is voor de gewenste populatie. De Raad van State had dat al eerder uitgemaakt (11 maart 2015, ECLI:NL:RvS:2015:735). Bovendien overwoog de Raad van State onder verwijzing naar eerdere rechtspraak dat de Vogel- en Habitatrichtlijn een lidstaat er niet toe verplichten om de doelen voor bepaalde soorten te kwantificeren. De aantallen genoemd in het Natura 2000 Doelendocument uit 2006 en de nota van antwoord uit 2007 (waarop veel aanwijzingen van Natura 2000 gebieden zijn gebaseerd) zijn geen harde streefgetallen, maar zijn zij slechts een indicatie voor de gewenste draagkracht van het gebied.

Bij de vergunningverlening was bovendien als mitigerende maatregel opgenomen dat een gebied van 15 ha productiebos, dat ook binnen het Natura 2000 gebied Veluwe lag, zou worden omgevormd tot natuurlijk loofbos/naaldbos en dat er wandelpaden zouden worden afgesloten. Daarmee werd het verlies aan leefgebied van 3 ha voldoende gemitigeerd, aldus de Raad van State. De vergunning kon dus in stand blijven.

Hierbij moeten de begrippen mitigatie en compensatie goed worden onderscheiden. Compensatie van negatieve effecten op Natura 2000 instandhoudingsdoelstellingen mag slechts onder strenge voorwaarden (geen alternatieven, dwingend maatschappelijk belang, compensatie; de ADC-criteria). Maar hier zou geen sprake zijn van de aantasting van een instandhoudingsdoelstelling. Niet de 3 ha leefgebied die zou verslechteren vormde de instandhoudingsdoelstelling, maar de populatie Zwarte Specht die afhankelijk was van dat leefgebied. Omdat het leefgebied zelf geen Natura 2000 doelstelling vormde kon dit worden gecompenseerd zonder dat aan de ADC-criteria hoefde te worden voldaan. Deze compensatie vormde een mitigerende maatregel waarmee de eventuele aantasting van de populatie Zwarte Specht op voorhand werd voorkomen. Deze gang van zaken zal een toets aan het Orleans arrest van het Europese Hof van Justitie (C-87/15 en C-388/15) wel doorstaan verwacht ik.

Conclusie
Niet iedere aantasting van het leefgebied van een diersoort die is opgenomen in een instandhoudingsdoelstelling hoeft meteen te leiden tot afwijzing van een natuurvergunning. Bekeken moet worden welke draagkracht er overblijft. Aantallen genoemd in het Natura 2000 Doelendocument 2006 zijn ook niet doorslaggevend. Als aantasting van het leefgebied wordt gecompenseerd waardoor de instandhoudingsdoelstelling niet wordt aangetast is dat mitigatie van het effect op de diersoort, geen compensatie.

Wilt u meer weten over Natura 2000 vraagstukken? Neem dan contact op met mr. M.R.J. Baneke.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen