U bent hier: Home > Overdracht- en omzetbelasting > Hoge Raad geeft duidelijkheid over het begrip “woning” in de overdrachtsbelasting
Hoge Raad geeft duidelijkheid over het begrip “woning” in de overdrachtsbelasting

Hoge Raad geeft duidelijkheid over het begrip “woning” in de overdrachtsbelasting

De overdracht van een woning wordt tegen een verlaagd tarief aan overdrachtsbelasting belast. De verkrijger dient namelijk 2% overdrachtsbelasting te betalen over de waarde van de woning, terwijl dit voor overige onroerende zaken in principe 6% betreft. In de praktijk heeft dit tot de nodige discussies tussen een verkrijger en de belastinginspecteur geleid, aangezien er in de wet niet wordt omschreven wat er precies onder een “woning” dient te worden verstaan. Met name bij kantoorvilla’s en transformatiepanden verschilde men weleens van mening. De Hoge Raad heeft vandaag een viertal arresten gewezen waarin duidelijkheid wordt geschapen.

Een onroerende zaak geldt volgens de Hoge Raad als woning als deze oorspronkelijk voor bewoning is ontworpen en gebouwd. Of het pand naar aard en inrichting ook geschikt is om als woning te dienen, is hierbij niet van doorslaggevend belang. Ook wanneer een pand na een mogelijke verbouwing met het oog op een andere bestemming dan wonen vrij gemakkelijk weer voor bewoning geschikt te maken is, valt deze onder de definitie van een “woning”. Het feit dat een verkrijging eventueel niet bijdraagt aan de doorstroming op de woningmarkt doet hier niets aan af.

Wanneer men ondanks deze definitie van de Hoge Raad toch niet tot een slotsom komt dan kan er mede betekenis worden toegekend aan eisen of beperkingen die voorvloeien uit publiekrechtelijke voorschriften.

Arresten:
ECLI:NL:HR:2017:290
ECLI:NL:HR:2017:291
ECLI:NL:HR:2017:294
ECLI:NL:HR:2017:295

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen