Home > Bouwrecht > Herstel gebreken door oorspronkelijke aannemer
Herstel gebreken door oorspronkelijke aannemer

Herstel gebreken door oorspronkelijke aannemer

Wie moet/ mag de gebreken aan een bouwwerk herstellen? In de praktijk zijn opdrachtgevers snel geneigd om een gebrek in een bouwwerk door een derde te laten herstellen. Een vonnis van de Rechtbank Oost-Brabant geeft echter een duidelijk overzicht van de toepasselijke regelgeving betreffende het herstel van gebreken. De oorspronkelijke aannemer moet altijd de mogelijkheid krijgen de gebreken te herstellen. En wel op een wijze die door de aannemer wordt bepaald.

Achtergrond
Woonpartners heeft in de periode 2003-2005 met Novaform een aannemingsovereenkomst gesloten voor de bouw van een appartementencomplex. De UAV zijn van toepassing verklaard. In het bestek is bepaald dat de dakbedekking voor 10 jaar na oplevering wordt gegarandeerd.

Na oplevering blijkt dat het dak gebrekkig is en op enkele plaatsen lekt. Woonpartners meent echter dat er niet uitsluitend sprake is van lekkages, maar ook van constructieve problemen. Woonpartners heeft daarom Novaform aangeschreven met de vordering dat zij kosteloos het gehele dak zou vervangen.

Novaform stelt echter dat een volledige vervanging niet noodzakelijk is. Het dak lekt namelijk maar op enkele plaatsen. Na een (eenvoudig) en klein herstel lekte het dak namelijk niet meer. Dit overtuigt Woonpartners echter niet en zij laat door een derde het volledige dak vervangen. De kosten daarvan vordert zij vervolgens van Novaform.

Aannemer herstelmogelijkheid bieden
De rechtbank stelt voorop dat, op een aannemingsovereenkomst zoals de onderhavige, artikel 7:759 BW van toepassing is. Op grond van dat artikel dient de opdrachtgever, als het werk na oplevering gebreken vertoont, de aannemer in de gelegenheid te stellen die binnen een redelijke termijn te herstellen, tenzij dat niet van de opdrachtgever kan worden gevergd. Deze aanschrijving kan door middel van een ingebrekestelling, maar die vorm is niet vereist. Volgens de rechtbank volgt uit artikel 7:759 BW dat de aannemer een aanspraak op de opdrachtgever heeft om de gebreken voor eigen rekening te herstellen.

Aannemer bepaalt herstelwijze
Als uitgangspunt geldt dat het aan de aannemer is om te bepalen hoe de gebreken worden hersteld. Daarbij gelden volgens de rechtbank wel twee normen:

  • de eisen van goed en deugdelijk werk
  • de aannemingsovereenkomst die partijen hebben gesloten.

Verder overweegt de rechtbank dat, als het herstel niet leidt tot een structurele opheffing van de gebreken, de aannemer in beginsel verder mag – en moet – gaan met het herstel tot de gebreken zijn hersteld, tenzij dat van de opdrachtgever niet (meer) kan worden gevergd.

Geen vergoeding kosten Woonpartners
In de onderhavige situatie heeft Woonpartners Novaform wel in de gelegenheid gesteld om de gebreken te herstellen, maar uitsluitend op een door Woonpartners voorgeschreven wijze. De rechtbank oordeelt dat dat niet conform artikel 7:759 BW is. Daarnaast is niet gebleken dat het vervangen van de gehele dakconstructie de enige wijze is waarop de gebreken konden worden hersteld. Vooral niet nu Novaform dat heeft betwist.

De rechtbank oordeelt daarom dat Woonpartners niet heeft gehandeld conform artikel 7:759. Haar vorderingen tot vergoeding van haar schade worden daarom afgewezen.

Commentaar
Dit vonnis toont dat het voor opdrachtgevers van groot belang is om, als een werk na oplevering gebrekkig is, de aannemer die het werk heeft uitgevoerd eerst in de gelegenheid te stellen het gebrek te herstellen op een wijze die de aannemer bepaalt. Waarschijnlijk zal in de praktijk de herstelmethode in goed overleg worden bepaald, maar een herstelmethode voorschrijven lijkt niet te zijn toegestaan. Dit kan anders zijn als al op voorhand vaststaat dat de keuze van de aannemer niet tot een goed en deugdelijk werk leidt. Pas als de aannemer de gebreken in het werk niet structureel kan opheffen, komt een vervangende schadevergoeding aan de orde. Dit kunnen bijvoorbeeld de kosten voor herstel door een derde zijn. Toepassing van artikel 7:759 BW laat verder de aanspraak van de opdrachtgever op vergoeding van de vanwege de gebreken ontstane schade onverlet. Het is overigens goed erop te wijzen dat artikel 7:759 BW ook geldt als de UAV van toepassing zijn verklaard.

Joris Bax aanbestedings- en bouwrechtadvocaat

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen