Home > Overdracht- en omzetbelasting > Geldt de cultuurgrondvrijstelling ook voor parkeerplaats en ondergrond schuur?
Geldt de cultuurgrondvrijstelling ook voor parkeerplaats en ondergrond schuur?

Geldt de cultuurgrondvrijstelling ook voor parkeerplaats en ondergrond schuur?

In tegenstelling tot de rechtbank oordeelt het Hof Den Haag dat een parkeerplaats en de ondergrond van een schuur en silo delen in de cultuurgrondvrijstelling van artikel 15 lid 1 onder q van de Wet op belastingen van rechtsverkeer. De Inspecteur van de Belastingdienst had in deze zaak een naheffingsaanslag opgelegd, omdat volgens hem deze gronden niet als cultuurgrond zijn aan te merken.

De feiten
Verkrijger heeft een perceel tuinland met glasopstanden verkregen en voor een groot gedeelte daarvan een beroep gedaan op de cultuurgrondvrijstelling van artikel 15 lid 1 onder q van de Wet op belastingen van rechtsverkeer. De inspecteur heeft echter een naheffingsaanslag opgelegd, omdat er volgens hem geen sprake is van cultuurgrond in de zin van dat artikel. Het gaat namelijk om een stuk erf dat als verharde parkeerplaats wordt gebruikt en de ondergrond van een schuur en silo. Verkrijger gaat tegen deze aanslag in beroep. De rechtbank heeft het beroep van de verkrijger ongegrond verklaard. De wetsgeschiedenis is hierin leidend.

Wetsgeschiedenis
Volgens de toelichting bij het wetsartikel wordt onder cultuurgrond verstaan de grond die bestemd is voor veeteelt, akker-, weide-, tuin- en bosbouw en dergelijke én de ondergrond van glasopstanden. Deze ondergrond hoeft niet zelf als kweek- of teeltmiddel te worden gebruikt. De cultuurgrond moet duurzaam en bedrijfsmatig ten behoeve van de landbouw worden geëxploiteerd. Het begrip landbouw dient in dit kader ruim te worden geïnterpreteerd en omvat mede veeteelt, akker-, weide-, tuin-, en bosbouw en dergelijke. De verharde parkeerplaats valt hier, naar het oordeel van de rechtbank, niet onder. Ook de ondergrond van de schuur valt niet onder de cultuurgrondvrijstelling, omdat opstallen en hun ondergrond als één beschouwd moeten worden en de schuur en de silo geen cultuurgrond zijn.

Hoger beroep
In hoger beroep oordeelt het hof dat de cultuurgrondvrijstelling wel van toepassing is op de parkeerplaats en de ondergrond van de schuur en silo. Het hof overweegt daarbij dat uit de wetsgeschiedenis blijkt dat de wetgever deze elementen heeft willen vrijstellen. Het hof acht van belang dat de elementen van de grond alle bedrijfsmatig ten behoeve van de landbouw worden geëxploiteerd en dat er geen sprake is van een verkrijging voor privédoeleinden of voor andere dan landbouwdoeleinden. De wijziging van het wetsartikel zag er volgens het hof op te voorkomen dat dit laatste tot vrijstelling zou leiden. Tenslotte merkt het hof nog op dat de opvatting van de inspecteur er toe kan leiden dat er willekeurig wordt geknipt in percelen die objectief bezien dienstbaar zijn aan de exploitatie van de landbouw. Dit is volgens het hof voor de praktijk niet werkbaar.

De staatssecretaris van Financiën heeft cassatie ingesteld tegen deze uitspraak.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen